Overijsselse Merentocht

De Tocht

Start en finish in Steenwijk 
Start en finish van de Overijsselse Merentocht zullen in Steenwijk plaatshebben in plaats van in Blokzijl. Deze keuze heeft zowel het dagelijks als algemeen bestuur van de Stichting Overijsselse Merentocht gemaakt met name vanwege het feit, dat in Steenwijk de openbare orde en veiligheid beter kunnen worden gewaarborgd. 
In de afgelopen winter is duidelijk geworden, dat de ‘schaatsgekte’ in ons land in geval van natuurijs vormen gaat aannemen,die de organisatoren van schaatstochten tot dusver niet gewend waren. Met name verkeer en parkeren zijn facetten, die méér dan ooit nadrukkelijk de aandacht vragen. Het opnamevolume van Steenwijk is vele malen groter dan in Blokzijl. Steenwijk heeft tal van in- en uitvalswegen en het stagneren van het verkeer op wegen bij parkeergelegenheden heeft geen invloed op de bereikbaarheid van de cruciale locaties en de hulpverlening. De infrastructuur van Steenwijk is meer toegerust op het houden van een dergelijk evenement met een naar alle waarschijnlijkheid zeer grote publieke belangstelling. Bovendien kan optimaal gebruik worden gemaakt van het openbaar vervoer. Het station (bus en intercitytrein) ligt tegenover De Meenthe, welke multifunctionele accommodatie het centrale middelpunt van de organisatie zal worden. Het aanbod van (auto)verkeer en het aantal verkeersbewegingen zal door de keuze voor Steenwijk drastisch kunnen worden verlaagd in vergelijking met Blokzijl, dat slechts via één provinciale weg kan worden bereikt. Omdat Steenwijk aan de A32 ligt, wordt bovendien de verkeersdruk op het achterliggende gebied sterk gereduceerd. 
Al deze afwegingen zijn voor de veertien bij de organisatie van deze 200 km lange wedstrijd- en toertocht betrokken ijsclubs van doorslaggevende betekenis geweest om te kiezen voor Steenwijk. Waar de start zal plaatshebben zal nog nader worden bekeken; de ideale finishlocatie is het Steenwijkerdiep. De oorspronkelijke route van de tocht zal dezelfde blijven, alleen start en finish liggen 13 km eerder in het traject.

Toerrijders vertrekken vanuit de starttent Ruxveenseweg/hoek Hooidijk in Steenwijk 
De start van de toertocht geschiedt vanuit een grote starttent die geplaatst wordt aan de westzijde van de Ruxveenseweg/hoek Hooidijk. De eerste groep (1-1000) start om 06.00 uur. Vervolgens gaat om de tien minuten een groep van 1000 schaatsers van start, zodat er om 08.00 uur 10.000 toerrijders onderweg zullen zijn. Om 23.00 uur moeten de toerrijders binnen zijn. Wie na 23.00 uur binnenkomt, wordt geacht niet te zijn gefinisht. 
Stempelpost Ossenzijl wordt de plaats waar de beslissing zal worden genomen (soms ook op medische indicatie) of het verantwoord is of een deelnemer nog mag doorrijden. Hiervoor wordt 21.00 uur aangehouden. Wie hier op dat tijdstip nog niet is gearriveerd, zal de tocht moeten staken.

Inschrijven
Inschrijving voor de tocht dient via deze website (inclusief betaling van het inschrijfgeld via iDeal) te geschieden. Na inschrijving dienen de deelnemers zelf hun inschrijfbewijs voorzien van naam, startgroep en barcode uit te printen. Dit inschrijfbewijs verleent u toegang tot de startkooi. Bij betreden van de kooi ontvangen de deelnemers hun stempelkaart en een armband (voorzien van het Rabobank-logo), zodat ze herkenbaar zijn en zwartrijders kunnen worden geweerd.
Mocht het inschrijven via de website niet lukken dan kunt u de dag vóór de tocht in Rabotheater De Meenthe inschrijven en uw inschrijfbewijs uitprinten.
Het doorgaan van de tocht wordt via de media en natuurlijk via deze website 3 x 24 uur tevoren bekendgemaakt.

In totaal 13 stempelposten 
Er zijn in totaal dertien stempelposten. Tevens zal een aantal geheime stempelposten ingericht worden. In het gebied van elke ijsclub is er één (alleen Vollenhove/Krieger is gecombineerd). Bij de eerste stempelpost is er controle op de doorkomsttijd. Wie te vroeg is gestart, zal hier worden gediskwalificeerd. 
Bij alle stempelposten zullen borden komen te staan, waarop staat aangegeven welke afstand er tot de finish nog zal dienen te worden afgelegd.
Voor de start wordt de 1e stempel geplaatst bij de starttent.
De stempelposten tijdens de toertochten zijn achtereenvolgens:

1. Muggenbeet 
2. Kadoelen 
3. Blokzijl 
4. Dwarsgracht 
5. Sint Jansklooster 
6. Belt-Schutsloot 
7. Wanneperveen 
8. Giethoorn 
9. Kalenberg 
10. Ossenzijl 
11. Kuinre 
12. Oldemarkt 
13. Steenwijk 
(eindstempel)


De stempelposten voor de wedstrijdrijders:
1. Kadoelen 
2. Kuinre 
3. Oldemarkt

‘Enorme opsteker voor dit gebied’
Initiatiefnemer van de Overijsselse Merentocht was oud-wethouder Klaas Naberman van de voormalige gemeente Brederwiede. ‘In 1997 was het bijna zover maar ging de tocht op het laatste moment niet door. Naberman lanceerde destijds op een jaarvergadering van ijsclubs in Vollenhove het idee voor een schaatstocht over 200 kilometer in Noordwest Overijssel. 

‘Als de tocht er komt is dat een enorme opsteker voor dit gebied en de ruim 10.000 leden die van plan zijn om de ijzers onder te binden. Steeds als de winter begint loopt de schaatskoorts op. Diverse leden van de Vereniging de Friesche Elfsteden zijn ook lid van de Overijsselse Merentocht. Ons evenement is een soort Elfstedentocht. Als je hier schaatst word je niet moe. Het gebied pakt je. Zelf ben ik ook een fervent schaatsliefhebber.’ De organisatie kan een omvangrijk evenement als de Overijsselse Merentocht goed aan. ‘Het bestuur en de talrijke vrijwilligers zijn er helemaal op voorbereid. Ook alle ijsverenigingen uit het gebied staan achter dit initiatief. We zijn er wel klaar voor. Het leeft enorm.’ De initiatiefnemer laat zich nog eens lyrisch uit over het prachtige waterrijke gebied van Noordwest Overijssel. ‘Schaatsen in dit gebied is uniek.

Nergens in Nederland is het zo mooi als hier. Je hebt aan het water ook allerlei mogelijkheden voor koek en zopietenten en diverse cafés zijn min of meer verbonden met het ijs. Naast schaatsen kunnen mensen in dit gebied dus ook sfeerproeven. Dat kun je goed vergelijken met de combinatie van skiën en après ski in wintersportgebieden. Als je hier ieder jaar natuurijs zou hebben ging volgens mij vrijwel niemand meer naar de wintersport, zo mooi is het hier.’

De organisatie kan ook op veel medewerking van de gemeente rekenen, indien de tocht er zal komen. ‘Voor Steenwijkerland zou de Overijsselse Merentocht een enorme uitdaging moeten zijn. Het is immers pure reclame voor het gebied met haar verschillende schilderachtige stadjes, dorpen, de mensen die er leven en natuurlijk het riet...’